Aanhaken of afhaken?

Een van de lessen die ik leerde tijdens mijn opleiding voor Non Duaal Coaching en Therapie gaat over het effect van verschillende soorten fysieke houdingen die je als coach kunt aannemen. Het is gebaseerd op het feit dat wij mensen in het dagelijks leven geneigd zijn om een afkeer of een begeerte te voelen naar iets of iemand. Je zou ook kunnen zeggen dat wij in het leven heen en weer geslingerd worden tussen aantrekken en afstoten. Kijk maar bij jezelf er is altijd wel iets dat je wilt hebben, bijvoorbeeld een groter huis in een mooie woonwijk. Of iets dat je wilt afstoten of niet wil hebben, bijvoorbeeld die lawaaiige buurman die altijd gaat klussen op zondagochtend. Je hoopt dat natuurlijk dat in de nieuwe woonwijk geen buurman woont die gaat klussen. En als dat wel zo is dan ben je zwaar teleurgesteld. Je was ervanuit gegaan dat bewoners in deze duurdere wijk een klusjesman op door-de-weekse dagen in zouden huren en niet in het weekend aan de slag gingen. Hoe je het ook wendt of keert, er is altijd wel iets dat je anders wilt. Het is dan ook verstandiger om een open houding aan te nemen ten aanzien van de situatie waarin je verkeert. Die buurman stopt heus wel een keer met klussen en misschien moet je eerst eens echt kennis met hem maken. Wie weet vindt ie het ook leuk om jouw huis op te knappen!

Hoe vertaalt dit zich nu naar de houding van een coach? Je kunt aanhaken, afhaken en rechtop zitten. In de aangehaakte houding zit je relatief voorovergebogen ten opzichte van de ander. De client krijgt dan het gevoel dat jij iets van hem of haar wilt. Het is een houding die heel actief is, maar er ook voor kan zorgen dat de ander zich niet meer op zijn of haar gemak voelt. Door het voorover zitten kom je als het waren in de ruimte van de ander. Dat kan heel subtiel en onopvallend zijn, maar is wel merkbaar in het gesprek. Het tegenovergestelde is dat je als coach een beetje achterover leunt en onderuitgezakt zit. Ook dit hoeft maar een heel klein beetje te zijn maar is direct merkbaar in het gesprek. De cliënt krijgt dan snel het gevoel dat jij als coach niet helemaal geïnteresseerd bent in wat er zich bij de cliënt allemaal afspeelt. Je komt als coach dan terecht in een rationele observatie houding waardoor de cliënt zich juist niet gezien voelt. De kunst is nu om precies tussen de twee houdingen in te gaan zitten. Ga er maar eens mee experimenteren in een gesprek met een collega of met een goede vriend.  

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *